Drie lagen te veel
Dertig jaar webontwikkeling, en de meest betrouwbare aanpak is nog altijd een tekstbestand op een server. We hadden alleen AI nodig om er weer te komen.
De website stond jaren op WordPress. Met Divi eroverheen voor de vormgeving, en LiteSpeed Cache eronder voor de snelheid. Drie systemen, elk aangeschaft om een tekortkoming van het vorige op te lossen. Het werkte. Maar ik was er nooit blij mee, en een developer inhuren voor vijftien pagina's voelde altijd als overkill.
WordPress is het grootste CMS ter wereld, en dat zegt eigenlijk al genoeg. Het is groot geworden als verzamelpunt: een kern waaraan je met plugins alles kunt ophangen wat je maar wilt. Contactformulieren, caching, beveiliging, SEO, paginabouwers. Elke plugin lost iets op. Samen vormen ze een systeem dat niemand als geheel heeft ontworpen en dat niemand als geheel begrijpt. Mediocrity at scale. Niet slecht genoeg om weg te gooien, nooit goed genoeg om echt op te vertrouwen.
Wat ik deed
Ik heb de migratie gedaan samen met Claude Code, de commandoregelversie van Claude. Een coding agent: je beschrijft wat je wilt, en hij voert het uit. Geen ontwikkelaar, geen bureau, geen offerte.
Claude Code wees de weg: gebruik Simply Static om een statische export te maken vanuit WordPress, verwijder de interne pagina's, ruim de afbeeldingenmap op, herstel alle padverwijzingen, zet het op GitHub Pages. Stap voor stap, met uitleg. Ik voerde de stappen uit, beoordeelde het resultaat, en gaf terug wat ik zag. Eigenaarschap bleef bij mij. De uitvoering grotendeels ook.
Het enige echte struikelblok was LiteSpeed Cache. Dat systeem genereert CSS en JavaScript met gegenereerde bestandsnamen die nergens in de broncode staan. Simply Static kan ze daardoor niet vinden, waardoor de export aanvankelijk gebroken was: geen opmaak, geen scripts. De oplossing was simpel zodra je begreep wat er misging: LiteSpeed tijdelijk uitschakelen voor de export. Dat begrip kostte tijd. Dat was het moment waarop mijn oordeel als eigenaar echt nodig was, niet dat van een specialist.
Wat dit betekent voor zelfstandigen
Chat is niet langer alleen een gesprek. Het is bij uitbreiding een werkomgeving. Taalmodellen als Claude kunnen inmiddels door coding agents als Claude Code technische taken uitvoeren die vroeger een developer vereisten: bestanden aanmaken, paden herschrijven, repositories beheren, sites deployen.
Dat verschuift wat zelfstandig ondernemers zelf kunnen doen. Niet alleen teksten schrijven of ideeën uitwerken, maar ook de technische aspecten van marketing ter hand nemen: een site bouwen, bijhouden, aanpassen. Zonder tussenkomst, zonder afhankelijkheid van iemand met een andere agenda en een uurtarief.
De site staat nu op GitHub. Aanpassingen maak ik via Claude Code. Het contactformulier loopt via Formspree, een eenvoudige externe dienst die formulieren op statische sites afhandelt. De volgende versie bouwen we in Claude Code: in bestanden, zonder visuele laag ertussen. Wat vroeger net een stap te ver was, is nu gewoon werk.
Zo hebben technici het altijd gedaan. Nu kunnen wij dat ook.